Op zoek naar Theóphilos.

9 mei 2024.

Gisteren in Milies waren we geïntrigeerd door allerlei verwijzingen naar ene “Theóphilos”, een schilder die hier in de Pelion in het begin van de 20ste eeuw zou rond gezworven hebben in traditionele Griekse klederdracht en al schilderend. We gaan naar hem op zoek, of juister gezegd: naar zijn “schilderij-voetsporen”.

Kontos huis.

Voor een schilder komt een vriend-mecenas goed van pas. Giannis Kontos, een rijke landeigenaar was zo iemand voor Theóphilos. In een huis in Anakásia, een eindje de bergen in vanaf Volos, mocht de schilder zijn gang gaan, ten minste op een groot deel van de eerste verdieping. Het Kontos huis is echter goed verstopt voor toeristen. Er is weliswaar een museum-parking aangeduid bij het binnen rijden van Anakásia maar vandaar is het zoeken … Google Maps help! Langs lieflijke steegjes, 500 meter verder, vinden we uiteindelijk toch het Kontos huis. Deur dicht, alleen een werkman te zien die geen woord Engels spreekt maar er snel een collega bij haalt … die ook geen Engels spreekt. Maar hij opent wel de deur en laat ons binnen in het “museum”. Op het gelijkvloers: bijna lege kamers en een keuken van honderd jaar geleden. Op de eerste verdieping: kleurrijke muurschilderingen van Theóphilos, een schilder uit de zogenaamde “naïeve school”! Zie foto’s.

Makrinitsa.

Een eind verder, nou ja op 600 meter hoogte, ligt Makrinitsa, het mooiste dorpje (?) of toch één van de mooiste van de Pelion. Gelukkig is er een parking aan het begin van het dorp en is er nog juist één plaatsje vrij. In Makrinitsa-dorp is er 300 meter hoogteverschil tussen het laagste en het hoogste gebouw van het dorp. Maar de straat vanaf de parking naar het centrale plein is vlak en goed geplaveid. Toeristisch: winkeltjes met kruiden allerhande, opgelegd fruit, prullaria, taberna’s … maar er zijn geen of weinig toeristen, de Paasfeesten zijn voorbij. Eens de hoofdstraat af is het stil en rustig in Makrinitisa. Byzantijns museum binnen wippen (2 € per persoon); ‘t is,een klein maar modern museum EN ze hebben een schilderij van Theóphilos. Op het plein staat een – opnieuw reusachtige – maar dit keer ook holle plataan. Betty speelt er verstoppertje in.

Na het nodige klim- en daalwerk lunchen we op het terras van restaurant Apolafsi met uitzicht op Volos, 600 meter lager; de haven, de rechtlijnige nieuwe stad en de oude stad zijn duidelijk te onderscheiden. Halve liter wijn bestellen: een Kókkino wijn. We toosten … is dit wijn of bessensap? We kijken mekaar aan, proeven nogmaals, twijfelen. Ik kan het de kelner niet vragen! Want ofwel is het echt bessensap en maak ik mezelf belachelijk, ofwel is het wijn en breng ik de kelner in verlegenheid. Domme toerist! Kókkino is gewoon “rood” in het Grieks en Lefkó is “wit”. Toch zweer ik dat de wijn sterkt naar cassis en andere bessen smaakt. 🤣

We rijden terug naar huis, maar per vergissing langs en door het Pelion gebergte, langs Drakea. De weg stijgt met nog een keer 600 meter tot 1.200 meter; de temperatuur daalt navenant van 23° C naar 11° C. Maar wat een spectaculaire rit opnieuw. Een tractor op de weg sleept een boomstam achter zich aan. Iemand leidt een paard met pakzadel de berg op. Een oude zonderling – ‘t zou Theóphilos kunnen zijn – spreekt ons aan bij een stopplaats: hij zeurt in het Engels dat iedereen naar de maan wil en niemand nog tevreden is met “dit” en hij wijst op de bergen rondom. Hier en daar is de helft van de weg in de afgrond verdwenen, of … ligt er een groot rotsblok.

In Kala Nera aan het strand zijn de terrasjes en taberna’s zo goed als leeg. Geen Paasdrukte meer, we kunnen rustig een frappé slurpen.

De zwaluwen vliegen laag vanavond. Onweer op komst?!

Plaats een reactie

Deze site gebruikt Akismet om spam te bestrijden. Ontdek hoe de data van je reactie verwerkt wordt.