Dólmenes.

Woensdag 9 augustus 2023.

Op “ons” terras buiten, aan de ijzeren staven voor een venster, hangt een doorzichtige plastic zak met water aan een touwtje geknoopt. De mamá van José legt uit dat dit tegen de “mosca’s” is – de vliegen!? Die zien zichzelf weerspiegeld in dat ene waterzakje, schrikken van zichzelf en vliegen weg!? 😳Werkt het? We hebben geen vliegen op het terras, wel overal minuscule miertjes. 

Aan de rand van Antequera liggen twee dolmen, grafheuvels, 6.000 jaar geleden door onze verre voorouders gebouwd. Die bezoeken we. Aan de lege parking – er is er nog één, een niveau lager met een tiental auto’s – wijst een bewaker ons naar een super-modern gebouw, een beetje verzonken in het terrein. Daar moeten we tickets halen, niet betalen want toegang tot museum en dolmen is gratis! Maar zonder gratis tickets kan je de dolmen niet in. Langs een spiraal-wandelpad lopen we naar boven. Tickets tonen en we kunnen de lege grafkamers zien. In de tweede dolmen is een diepe waterput. Hoe kan dat in een grafkamer? Mysterie: de put is pas in 2005 ontdekt; het water is drinkbaar!

Na de dolmen, het museum gratis bezoeken: een film – ook in het Nederlands – vertelt aanschouwelijk het verhaal van de bouw. De “Peña de los Enamorados”, rots van de verliefden, speelt een centrale rol. De rots lijkt op een naar omhoog kijkend gezicht. De doden in de dolmen lagen in lijn met de rots, gezicht omhoog. Als je de ingang van de dolmen denkbeeldig doortrekt, kom je uit in … het centrum van de “Peña de los Enamorados”. Dolménes van Antequera = waar voor je geld!

Dolmen van Antequerra: verharde witte toegangsweg met “Rots der verliefden” in verre achtergrond.

Museum Dolmen Antequerra: modern wit gebouw.

Dolmen van Antequerra: wit pad over droge weide en grafheuvel in de verte.

In de dolmen van Antequerra: toeriste in ondergrondse toegangsweg.

‘t Wordt heet: 36° C+. We rijden nog naar het centrum van Antequerra om – na espresso en broodje met jamón en tomato’s – nog de fotogenieke Plaza Coso Viejo en de Parroquia San Sebastián te bezoeken (ontelbare kerken in Antequerra). Maar de auto-drukte in de smalle straatjes en de hitte verhinderen elke verdere exploratie. Broodjes inslaan en “thuis” lunchen is de boodschap. Dan siësta voor sommigen, zwembad voor anderen (waaronder altijd Lou). 

Plaza Coso Viejo in Antequera: ruiterstandbeeld voor kerk. Parroquia San Sebastián: rozerood gebouw.

Deze keer besluiten we te aperitieven in Villanueva de Cauche, het volgende dorpje, 8 km verder, langs een bergweg met mooie vista’s over El Torcal. Het dorpje zelf is niet groot: drie evenwijdige straten met huisjes  van minstens 100 jaar oud – sommige lijken zelfs nog uit leem en modder opgetrokken. Pittoresk dat wel. Als ik in mijn beste Spaans aan een stokoud meneerke vraag waar we kunnen drinken, wijst hij naar de dorpsfontein. Nee, nee, geen agua willen we, wel cerveza’s. Maar de enige bar van het dorpje is gesloten; noodgewongen opni naar Villanueva de la Concepción, naar onze  vertrouwde bar Oasis. 

Villanueva de Cauche: straat met witte huizen.

Villanueva de Cauche

Daarna self-made avondeten (Evelien en Betty): als voorgerecht: calamares-ringen – diepvries in de “Dia” gekocht – met looksaus en als hoofdgerecht: brood met omelet (verse eitjes zelf uit “ons” kippenhok gehaald) met spinazie. Dat alles overgoten met een Rioja El Coto. Hmm … dat smaakt!  

Plaats een reactie

Deze site gebruikt Akismet om spam te bestrijden. Ontdek hoe de data van je reactie verwerkt wordt.