Van “Italië”, Jo’burg naar wildernis in Mokopane.

Wat vooraf ging: tientallen emails, een paar telefoontjes en gisteren, 7 november 2014: vertrek naar Zaventem – probleemloos, kleine file niet te na gesproken – vlucht naar Frankfurt – probleemloos – vlucht naar Johannesburg – probleemloos en comfortabel. Opgehaald aan de Oliver Tambo luchthaven in Johannesburg door ene Silas uit Soweto – probleemloos – en auto in ontvangst nemen bij Heather van de Bustrackers … een “beest” van een 4 x 4: Toyota Hilux Double Cab. Stijn aan het stuur en na een koffie en veel uitleg over de auto,  starten we … voor een paar honderd meter: naar de dichtstbijzijnde Spar: inkopen voor 4 dagen. Het is middag, 8 november en de zon staat loodrecht boven onze hoofden: in de schaduw aangenaam warm! De Jacaranda’s staan in bloei. Lente in Jo’burg!

Witte Toyota Hilux.

Montecasino.

Rechtover de Spar ligt Montecasino: het lijkt een Italiaans stadje maar dan nagebouwd in Johannesburg. Kompleet met piazza’s, fonteinen, campanilles en typisch Italiaanse huizen met rode pannendaken. Na onze inkopen lunchen we in “Doppio zero – 00”, Italiaans restaurant waar we voor nog geen 25 € een heerlijk lichte en gezonde lunch voor vijven eten! “Waarom bouw je nu een Italiaans dorp in Johannesburg?” vraag ik aan de dienster. “Because everybody is welcome in South-Africa” zegt ze met een ontwapenende glimlach. Ze bloost, denk ik … hoewel dat bij zwarten niet te zien is.

Italiaans aandoende klokkentoren.

Mokopane.

Op dan naar onze eerste bestemming: Amatava lodge in Mokopane, zo’n kleine 300 km naar het noorden. Vlotte rit vanuit de rijke voorsteden van Johannesburg, security hekken overal, reclame voor 24/7 beveiliging. Dan langs industrieparken met zowat alle gereputeerde internationale bedrijven. Ten slotte een landschap dat steeds Afrikaanser wordt: savanne-achtig met verspreide parasol-bomen. Stijn nog steeds aan het stuur, Af en toe een beetje zwalpend nu. “Er staat veel wind”, zegt hij. Maar de bladeren van de eucalyptusbomen langs de weg bewegen amper. Wordt hij moe?

Rond 5 uur verlaten we een eindje voor Mokopane de grote vierbaansweg naar het noorden. Doorheen Mokopane en dan, zo’n 5 km verder wordt de weg een grintbaantje. En nog 3 km verder staan we aan de poort van Amatava lodge. Geen mens te bespeuren. Maar we hebben de code van de toegangspoort en rijden het domein binnen. Er lopen allerlei antilopen vrij rond: sabelantilopen, Roan antilope, springbokjes, gouden wildebeest …. Maar geen mens te bespeuren. Een lichte ongerustheid groeit. Bellen naar de paar telefoonnummers die we hebben, maar … geen antwoord. Tot een typische Afrikaner boer aan komt gereden. Goed in het spek, fors, rode neus, joviaal … dat wel. Hij leidt ons rond in ons verbijf voor een nacht.

Afrikaans landschap met berg in de zon op achtergrond.

We hebben het domein voor ons alleen. En 2 van de in totaal 6 huisjes. In het midden van een komplete wildernis, verlaten, geen huizen auto’s of andere menselijke activiteit te horen of te zien. En “basic” comfort. Gelukkig kunnen we buiten “braaien” (=B-B-Q, een  specialiteit van Stijn) met entrecote en boerewors en heerlijk gegrilde groenten (een specialiteit van Evelien en Betty), na een intermezzo met heel veel rook. Dat alles bij de plots ingevallen duisternis met opkomende maan die de wolken boven de bergen sprookjesachtig verlicht. Tientallen en tientallen insecten. Bidsprinkhaan die in ons bord belandt. Duizenden nachtgeluiden en … kakkerlakken in de keukenkasten! Maar dit is Afrika: “who cares?”.

Ik loop nog in het donker tegen een ferme tak van een boom aan. Hilariteit alom. Maar de bast is er af … niet van de boom, maar van mijn kop. Na David die omwille van zijn 5 weken geleden gebroken arm met een “brace” rond loopt, nu een tweede “gewonde” in ons gezelschap.

Mokopane, 8 november 2014.

The Roadbook … Reisbrochure-stijl

De vermoedelijk laatste blogpost voor het vertrek op 7 november: het volledige (?) reisprogramma, in formaat “reclame – reisbrochure”.

Avontuur, cultuur en natuur: 23-daagse reis naar het hart van zuidelijk Afrika.

Dag 1 (7/11): Vertrek op Zaventem om 19u05 met Lufthansa via Frankfurt naar Johannesburg (als de politie op Zaventem geen stiptheidsacties voert en de bagage-afhandelaars niet staken omwille van Ebola en de Lufthansa-piloten niet staken omwille van pensioenproblemen).

Dag 2 (8/11): Aankomst Johannesburg om 9u40. “Meet and greet” op de luchthaven met Bushtrackers – autoverhuur. Overbrenging naar hoofdkantoor Bushtrackers en overhandiging van sleutels van 4 x 4 auto. Vertrek naar Amatava lodge (self-catering: niet vergeten proviand in te slaan voor 4 dagen). Amatava ligt in de Limpopo-provincie, dicht bij Mokopane (vroeger: Potgietersrus): kweekcentrum voor sabelantiloop, Roan antiloop en vos-wildebeest (golden wildebeest).

Dag 3 (9/11): Vertrek naar Mapungubwe National Park (self-catering) aan de grens met Zimbabwe, een UNESCO World Heritage Site. Halfweg tussen Polokwane en Makado steken we de steenbokskeerkring over en zijn we officieel “in de tropen”.

Dag 4 (10/11): Bezoek aan de “Lost City” op Mapungubwe Hill. En verder: het Mapungubwe Interpretation Centre (architectuur-prijs 2009) met gouden neushoorn-beeldje en het nationaal park met zijn zandsteen rotsformaties, baobabs en mopane bomen en … “the big five” (leeuw, luipaard, olifant, neushoorn, buffel).

Dag 5 (11/11): Tijd voor avontuur nu: op naar Zimbabwe. Vrije keuze voor de kortste weg langs de Beitbridge grensovergang of de langere weg via Botswana. Zie de blue-crane blogpost van 29 september 2014. Bestemming Big Cave Camp in de Matobo heuvels ten zuiden van Bulawayo.

Dag 6 en 7 (12-13/11): Bezoek aan de 2de UNESCO World Heritage Site van deze reis: de Matobo heuvels met als bezienswaardigheden: World’s View, het nationaal park, de vele rotstekeningen, het graf van Cecil Rhodes, het Mzilikazi-gedenkteken, de merkwaardige gigantische rotsblokken en … de lokale flora en fauna. Verblijf met vol pension in Big Cave Camp in het midden van het nationaal park.

Dag 8 (14/11): Vandaag doorreizen naar het noorden, Camp Hwange voor de echte en unieke bush-ervaring in het oude jachtgebied van de Ndebele-koningen.

Dag 9 en 10 (15-16/11): Verblijf in Camp Hwange. Ochtendsafari’s en -wandelingen, brunch bij het “waterhole”, avondsafari’s met “sundowner”, sterrenkijken rond het kampvuur en luisteren naar de geluiden van de “bush”.

Dag 11(17/11): Vertrek naar de Victoria watervallen, de 3de UNESCO World Heritage Site en ėėn van de 7 natuur wereldwonderen, aan de noordelijke grens van Zimbabwe met Zambia. Sta aan het standbeeld van Livingstone en volg het pad langs de 1,7 km lange en 100 m hoge muur van water. Verblijf (self-catering) in Lokuthula lodge.

Dag 12 (18/11): Tweede dag in Vic Falls. Bezoek aan het pittoreske Zambezi National Park: puilt uit van het wild. Pittoreske pick-nick en braaiplaatsen langs de Zambezi maar pas op voor krokodillen!

Dag 13 (19/11): Terugrit naar het zuiden voor een 2-daags verblijf in Sondela Guest House (hotel-formule) in Bulawayo, 2de grootste stad van Zimbabwe. Bezoek aan de stad.

Dag 14 (20/11): Tijd voor UNESCO World Heritage Site nummer 4: de Khami-ruïnes, 22 km ten westen van Bulawayo … een voorsmaakje en concurrent van Great Zimbabwe.

Dag 15 (21/11): Naar Masvingo, Lodge at the ancient city (ook hotelformule) met prachtig uitzicht over de Msasa-vallei in de onmiddellijke buurt van de ruïnes van Great Zimbabwe (zie blue-crane blogpost van 29 augustus 2014).

Dag 16 (22/11): Bezoek aan de 5de en laatste UNESCO World Heritage Site van deze reis: Great Zimbabwe. Verbazingwekkende architectuur in steen door oude Afrikaanse culturen.

Dag 17 (23/11): Naar Chilo Gorge Safari Lodge in het zuidoosten van Zimbabwe in het midden van Gonarezhou National Park voor een nieuwe ultieme safari-ervaring.

Dag 18 en 19 (24-25/11): Verblijf in het Gonarezhou park met mogelijkheid tot, onder andere, bezoek aan een lokaal Shangaan-dorp, wandelingen naar de Chilojo rotsen en/of de Chivilia watervallen of Mahenye eiland.

Dag 20 (26/11): Vandaag verlaten we Zimbabwe (langs de beruchte Beitbridge grenspost) maar nog niet Afrika. Nog 2 overnachtingen in de Madi a Thavha Mountain Lodge in het Soutpansberg-gebied in Zuid-Afrika.

Dag 21(27/11): Verblijf in Madi a Thava met naar keuze mogelijkheid tot wandelingen, bezoek aan het “Cultural Centre”, naar het Fundudzi-meer, rondrit in Venda-land ….

Dag 22 (28/11): Terug naar Johannesburg voor inleveren van de auto. Lufthansa-vlucht naar Frankfurt om 19u40.

Dag 23 (29/11): Aankomst in Frankfurt om 5u30 ’s morgens. Terugvlucht naar Zaventem om 7u25 en met aankomst om 8u25.

Met dank aan “Betty’s travel”.

Vooroordelen …

Wenn Sie ihre Vorurteilen verlieren wollen, muessen Sie reisen.
Marlene Dietrich

Op een receptie van een culturele vereniging vroeg hij mij, glas in de hand, waar we nu weer naar toe gingen. Naar Zimbabwe, dus. Blanke staar … gedurende een paar seconden. Dan zei hij: “Een kennis van mij reist regelmatig naar Afrika. … voor zijn werk.” Dat laatste stukje zin moest er bij om aan te geven dat het normaal gezien in niemands hoofd zou opkomen om daarheen te trekken. “Jaja, allemaal negers” (hij zegt uitdrukkelijk “negers”, niet zwarten) en hij kijkt mij diep ernstig aan … als om me bewust te maken van het immense gevaar dat we daar in Zimbabwe gaan lopen. “Maar toch …” (misschien nog een lichtpuntje?) ” … er zijn ook wel intelligente negers” (stel je voor: ongelooflijk! Intelligente negers!). Vooroordelen ….

David heeft een tiental dagen gelden zijn arm gebroken. Nu is het tijd voor plaatsen van nieuwe gips. Natuurlijk vraagt hij aan de orthopedist of dat nieuwe gipsspul er wel degelijk voor het vertek op 7 november definitief af mag. Onzeker! Maar waar gaan we precies heen? Zimbabwe. “Apenland” is de reactie van de dokter. “Apenland” is de reactie van de verpleegster. Vooroordelen …

En dan Ebola! “Ik zou nu zeker niet naar Afrika reizen”, aldus een collega, “dat is risico’s zoeken”. Vooroordelen … Zimbabwe ligt meer dan 5.000 km van de Ebola besmettingshaarden. Monrovia, Conakry en Freetown, hoofdsteden van respectievelijk Liberia, Guinee, en Sierra Leone – de drie meest door Ebola getroffen landen van westelijk Afrika – liggen minstens 100 tot 700 km dichter bij Brussel dan bij Harare, Zimbabwe. Per week zijn er in totaal vier rechtstreekse vluchten tussen Zaventem en die drie getroffen landen. Ten minste voorlopig nog: zolang ze niet opgeschort worden. Daarentegen is er geen enkele rechtstreekse vluchtverbinding tussen Harare en die drie westelijk Afrikaanse landen.

Taartdiagram toerisme Zimbabwe.

Vooroordelen … alvast het toerisme lijdt onder de Ebola-angst. Voor de eerste 6 maanden van 2014 ligt het cijfer van amper 867.000 toeristen naar Zimbabwe – veel landgenoten zullen we er wel niet ontmoeten – nog 1 procent hoger dan in dezelfde periode van 2013. Maar volgens ene Karikoga Kasele, CEO van de Zimbabwe Tourist Authority (ZTA) is zijn land in de laatse paar maanden 6 miljoen dollar mis gelopen door de valse geruchten over Ebola. In Harare zijn er tot nu toe 3 verdachte gevallen geweest waarvan uiteindelijk geen enkele Ebola bleek te zijn.

Dus de vooroordelen maar laten voor wat ze zijn … en de raad van Marlene Dietrich opvolgen.

Het Botswana-Beitbridge dilemma.

“Go to the banks of the great, grey-green, greasy Limpopo River, all set about with fever-trees, and find out.”

Uit “Just So Stories” van Rudyard Kipling, 1902

Inentingen (hepatitis A, tetanus): check!
Voorschrift voor anti-malaria pillen: check!
Nieuwe reispas aangevraagd: check!
Betaling van verblijfplaatsen: check!
Reisgidsen gelezen: check!

Dus alles OK? Nee … want twijfel over een deel van onze geplande route slaat toe! En dat door een zinnetje uit een email van Heather van de Bushtrackers (autoverhuur): “Beitbridge, as I am sure you have heard, is a terrible borderpost. Why not consider going through Botswana and to Plumtree?”

Zoals in een vorige blogpost uitgelegd (22 augustus: De reisroute … en de links), rijden we op 11 november van Mapungubwe in Zuid-Afrika naar Matobo in Zimbabwe, een rit van zo’n 365 km, een goeie 4 uur. Maar met daarbij de grensovergang van Beitbridge te overwinnen! Recente berichten op internetfora spreken van wachttijden van 4 tot 9 uur in de blakende zon, geruchten over afpersing, illegale wegversperringen, kortom: geknoei. Er zouden verschillende redenen zijn voor de recente verslechtering van de “service” aan deze grenspost. Daling van de toltarieven voor vrachtwagens en strengere controles aan de grenzen van Zuid-Afrika met Mozambique en Botswana door Ebola-paniek, zorgen blijkbaar voor een verdubbeling van het dagelijkse aantal voertuigen in Beitbridge (10.000+).

Het alternatief? Vanaf Mapungubwe via Pont Drift oversteken naar Botswana. Pont Drift lijkt een kleine, toerist-vriendelijke grensovergang te zijn. Pittoresk zelfs met, naast een smalle brug over de Limpopo, zelfs een kabelbaantje om 2 tot 3 voetgangers de rivier over te trekken. Van daar zou het dan langs “gravel roads” en kleine geasfalteerde wegen, door Botswana via Francistown naar de grens met Zimbabwe in Plumtree moeten gaan. Iets meer dan 500 km en – geschat – ruim meer dan 7 uur rijden tot onze eindbestemming in Big Cave Camp, Maotobo. En daar moeten we dan vermoedelijk nog een uur tot anderhalf uur bijtellen voor de grensformaliteiten in Plumtree zelf. Bovendien opent Pont Drift maar om 8 uur ’s morgens en … sluit Plumtree al om 6 uur ’s avonds! Een venster van 10 uur om een deel van Botswana te doorkruisen.

Moeilijke keuze … David is alvast voor de route door Botswana: “Kunnen we nog een land afvinken”. Misschien ter plaatse advies van de “locals” inwinnen? 
Dilemma … wordt vervolgd …

Grus grus of Grus paradisea?

“… cranes talk among themselves when they fly … perhaps because they fly at night.”

Uit “A pigeon and a boy” van Meir Shalev, 2009

Bij grote uitzondering en op algemene aanvraag (van Hendrik) gaat deze “blog post” niet over Zimbabwe maar over de mascotte van deze blog: de blauwe kraanvogel (Bloukraanvoël in het Afrikaans) of paradijskraanvogel of nog: de Stanley kraanvogel. Ja, genoemd naar de Stanley van Congo, van de “Doctor Livingstone, I presume” uitspraak, de Livingstone waarvan we het standbeeld aan de Victoria-watervallen in Zimbabwe moeten zien … maar ik dwaal af.

Is de blauwe kraanvogel dezelfde als de “Europese” kraanvogel (eigenlijk Euraziatische kraanvogel – Grus grus in het Latijn) die je in de zomer in het hoge noorden, o.a. Finland, kan spotten? NEE. Uiteraard zijn ze van dezelfde familie (er zijn 15 soorten kraanvogels, onderverdeeld in 3 groepen – de blauwe kraanvogel is de kleinste groep en ook het meest bedreigd met uitsterven) maar de blauwe vindt je alleen in zuidelijk Afrika en migreert van Lesotho of de Drakensbergen na de zomer naar het meest zuidelijke deel van de Kaapprovincie in de winter terwijl de Euraziatische van het hoge noorden naar Spanje of Noord-Afrika trekt en terug.

De naam “kraanvogel” stamt uit het Keltisch: “garan”, roepen of schreeuwen. En een kraan, een werfkraan is inderdaad zo genoemd omdat ze van vorm op een kraanvogel lijkt. In het Frans betekent “une grue” (lijkt op “grus”, niet?) trouwens zowel werfkraan als kraanvogel. En het Engelse “cranberry” – veenbes – is de bes die door de “crane” wordt gegeten. Overigens eten ze ook insecten, kleine knaagdieren, vissen, kikkers en dies meer.

Kraanvogels zijn fabeldieren, een bron van legendes, vermoedelijk doordat ze bij hun jaarlijkse trektochten in groepen van tientallen tot honderden vogels, zo hoog vliegen (4 tot 5 km) en als ėėn van de weinige niet-nachtvogels toch ’s nachts verder vliegen. Klein stapje dus om te geloven dat de zielen van de doden op de ruggen van kraanvogels naar het hiernamaals vliegen. De verkenners, drie tot vijf vogels, vliegen een paar kilometer voor de grote groep uit en communiceren ermee via een rasperige, resonerende roep (dankzij hun speciale luchtpijp).

In de bijbel komen ze al voor: de profeet Joshua klaagt dat kraanvogels precies weten wanneer en naar waar ze moeten vliegen maar dat het Joodse volk stuurloos dwaalt en de geboden van God niet respecteert.

Niet voor niets is de blauwe kraanvogel de nationale vogel van Zuid-Afrika. Voor de Xhosa, de belangrijkste etnische groep in het land, heeft de vogel, “Indwe” in de Xhosa-taal, een bijzondere culturele betekenis. Wanneer iemand zich speciaal onderscheidt in een gevecht of op een andere manier, wordt hij tijdens een speciale ceremonie met veren van de blauwe kraanvogel getooid. Dergelijke individuen noemen de Xhosa de ugaba-mannen: conflictoplossers! Geen verrassing zeker dat Nelson Mandela een ugaba-man was?

Meer waarheid dan legende is dat als je een blauwe kraanvogel ziet, de regen op komst is. En als je een troep vogels samen ziet, dan zullen geluk en voorspoed je deel zijn.

Ook op romantisch vlak is de blaukraanvoël een hoogvlieger. Het mannetje begint de baltsdans door gras, steentjes en stukjes hout omhoog te gooien. Daarna begint hij in cirkels rond het vrouwtje van zijn keuze op te springen. Het vrouwtje doet mee … als ze hem ziet zitten, natuurlijk … en plots stoppen ze en stoten ze samen hun typische kreet uit. Daarna leven ze nog lang en gelukkig. Want kraanvogels worden 50 tot 60 jaar oud, in gevangenschap zelfs 80 jaar.

Blauwgrijze origami kraanvogel.

En een paar laatste weetjes over deze mascotte van Origami (Japanse papiervouwkunst): de blauwe kraanvogel kent een jaarlijkse ruif. Tijdens die periode komen grote groepen samen op de vlaktes rond kaap Agulhas (meest zuidelijke punt van Afrika waar de Indische en Atlantische oceaan elkaar ontmoeten) in de buurt van water. Ze kunnen dan immers tijdelijk niet meer vliegen en moeten bij gevaar over en door water ontsnappen.

En als afsluiter een stukje poëzie:

Laatst, als ik op mijn eenzaam pad,
Door Wijnmaands bleke loovers trad,
Zoo kwam van ver een vreemd gerucht,
En hield naar ’t wijkend avendlicht,
Het spitse van heur schaar gerigt.

Uit: op het Gezigt van trekkende Kraanvogles
A.C.W. Staring (1767-1840)

Bateleur-arend op tak in volière.

Aanvulling op de blog van 29 augustus 2014: Betty merkt op dat we ooit – in Namibië in een opvangcentrum van gieren – een bateleur arend hebben gezien. Inderdaad: foto opgesnord en hierbij als bewijs!