Diwali in Delhi, en nog zoveel meer.

11 november ’s avonds: onder ons ligt Delhi, in een vreemde, mistig oranje gloed. Naarmate het vliegtuig daalt, zien we daar beneden steeds meer en meer lichtflitsen. Wit, rood, blauw …. vuurwerk op tientallen, nee honderden plaatsen tegelijk. Diwali in India: feest van het licht!

Alles loopt gesmeerd op de Indira Gandhi International luchthaven: paspoortformaliteiten (niemand bekijkt onze e-visa), vingerafdrukken (wel nooit zonder probleempjes bij Betty), bagage zoeken die reeds in massa van de transportband is gehaald. Dan, spannend, de uitgang en zoeken naar iemand met een bordje met onze namen. Niet zo dadelijk gezien maar – na een telefoontje – vindt Betty “onze man” toch: kennismaking met Raju. Auto in en rijden, maar … al na 100 meter stoppen we weer. Raju is ons “welkomstpakket” vergeten: bloemenkrans om de nek, een rode stip op het voorhoofd en mierenzoete snoepjes. Opnieuw valt de mistige, rokerige smog op. Radju beweert dat de Diwali-vuurwerkpijlen de rook veroorzaken …

We rijden langs brede lanen, viervaks banen, langs de ambassade-wijk, tot in “Lutyens Delhi”, de nieuwe stad die hier zo’n honderd jaar geleden door de Engelsen is gebouwd. ’t Is middernacht, lokale tijd als we in ons hotel, The Claridges, arriveren. Inchecken en proberen te slapen want we hebben een 4,5 uur tijdsverschil te verwerken. Nog steeds zijn luide knallen te horen … Diwali in Delhi. Morgen is het vroeg dag.

… En ’s morgens hangt de wazige mist/rook er nog. We starten – na ontbijt – om 9u30. Raju voert ons naar de voet van “The Red Fort”. Ons plan is om te voet doorheen Chandni Chowk, de oude stad, te wandelen tot aan de Jama Mashid Moskee en dan terug. Raju zal ons 2u30 later terug op dezelfde plek oppikken. Maar Chandni Chowk is één groot gekkenhuis waar riksha’s, gemotoriseerd of met mankracht aangedreven, auto’s, bussen en een kleurrijke mensenmassa in alle richtingen bewegen tussen kramen, stalletjes, verkopers, bedelaars … En lawaai: alles één grote kakafonie. Bovendien lijkt het alsof de fietsriksha’s besloten hebben dat toeristen hier NIET wandelen: we worden honderden meters ver gevolgd door eerst één en uiteindelijk vijf riksha’s die aandringen om ons naar de Jama Mashid moskee te mogen voeren. Eerst voor 20 roepies (30 Eurocent?), dan zakt de prijs naar 10 roepies. Maar we blijven wandelen ondanks de vijf riksha’s en inmiddels ook drie bedelaars, en uiteindelijk druipen ze af … Net zoals de verkopers van alles en nog wat …

Drukke straat in Chandni Chowk.

Marktkraam met massa’ schoenen.

De Jama Mashid dan: grootste moskee van India. Tijd om de schoenen uit te trekken. Betty krijgt een groot soort doek of sjaal aan de ingang: moet ze zich zedig mee bedekken. Prachtig gebouw: vertikale stroken rode zandstenen wisselen af met wit marmer. Vier hoektorens, twee ajuinvormige koepels en twee minaretten. De zuidelijke minaret kan je in en op, wat we dan ook doen. De wenteltrap binnenin is steil en smal. Af en toe moet je jezelf tegen de muur plakken om een andere zweterige toerist te laten passeren. Het uitzicht over de krioelende oude stad is spectaculair maar de smog belet een nog grootser panorama. We rusten uit op het reusachtige binnenplein van de moskee … en worden plots op de foto gevraagd! Een Saoedisch gezin – vader, moeder en twee kleine kinderen – wil een foto van ons met hun twee kleuters. En dan nog één met de moeder bij … dan nog afwisselend één met de vader bij. Eigenaardig, maar wel leuk!

Jama Mashid moskee, vooraanzicht.

Terug door oud-Delhi, langs exotische eetkraampjes, schoenenverkopers, klerenkramen, groentenverkopers, velgenbazaars … langs iemand die tegen betaling oren kuist … langs bergen afval en slapende Indiërs, langs nog zoveel andere voor ons onwereldse dingen … terug naar de afspraak met Raju. Die brengt ons uit de drukte en de chaos naar New Delhi, via het gedenkteken voor Mahatma Ghandi, voor een westerse lunch (bruschetta en pizza) in een rustig restaurant.

Bovenaanzicht van drukke straat.

Slapende man op stootkar.

Mahatma Ghandi gedenkplaats.

’s Namiddags bezoeken we Humayun’s tomb, een UNESCO World Heritage site. Er is een aparte ticket-rij voor Indiërs – die betalen 10 roepies (zo’n 15 eurocent) – en een rij voor andere toeristen, die 250 roepies betalen! Maar die laatste rij is dan ook veel korter. Het graf van Humayun zelf, de tweede zogenaamde Mogol (=moslim) keizer van India uit de 16de eeuw is een gigantisch gebouw met een rechthoekige onderbouw – opnieuw rode zandsteen afgewisseld met witte marmer – boogingangen en bovenop het geheel een reusachtige koepel. Lijkt al zeer sterk op de Taj Mahal maar die is dan wel volledig in wit mamer. Rond het gebouw liggen nog vele andere grafmonumenten en/of grafpaleizen in een prachtig exotisch park van 12 hectaren. Betty wordt opnieuw op de foto gevraagd! Deze keer door een groepje jonge Indisch uitziende toeristen. Raar! We zijn toe aan uitrusten op het gazon met zicht op Humayun’s tomb …

Humayun's tomb hoofdgebouw.

India Gate triomfboog.

Onze laatse exploten dan voor vandaag: bezoek aan India gate, een triomfboog opgericht voor de Indiase soldaten die sneuvelden in “… France, Flanders, Mesopotamia …”. Ontzettend veel volk hier. Maar vandaag, 12 november blijkt een vrije dag te zijn. Opnieuw één of ander feest waarvan ik de naam helaas vergeten ben. Een nep-fakir met slangenmandje spreekt Betty aan … “Picture, picture” en prompt opent hij een mandje, speelt een deuntje op een eigenaardige fluit en daar verschijnt een brilslang, een cobra.

Man in het wit met fluit en cobra.

Ik wordt uitgenodigd om het mandje zelf vast te pakken en … de nep-fakir zet mandje en slang op mijn schouder en mijn hoofd. Kost ons 100 roepies voor de foto’s. Nog even met een kleurrijke familie Indiërs op de foto – dat wordt stilaan routine – en tot slot voert Raju ons nog langs de kaarsrechte boulevard, geïnspireerd op de Champs Elysées, tot aan President’s house voor een laatste foto-op.

Napraten doen we bij een Kingfisher biertje op de “lawn” van ons hotel. Fantastische dag. Delhi heeft ons bekoord! Morgen naar Jaipur.

Delhi, Rajasthan en Agra: reisroute.

Filmaffiche van “Der Tiger von Eschnapur”.

Begin van de jaren zestig uit de vorige eeuw. Een godvergeten dorpje in Vlaanderen. Maar wel een cinema-zaal: projectie alleen op zaterdag- en zondagavond. Op het programma: voor één keer geen western maar “Der Tiger von Eschnapur” van Fritz Lang. Kinderen toegelaten … mijn allereerste sterk geromantiseerde “kennismaking” met India. En d’er was nog een vervolgfilm, een week later … ook gezien.

Een aantal films (A Passage to India, Gandhi, Slumdog Millionaire, The Best Exotic Marigold Hotel – allemaal ideaal om wat “in de sfeer te komen”) en een halve eeuw verder: op naar India!

Zelf uitgestippeld en georganiseerd (door Betty vooral) want we reizen zoals steeds individueel. En dat uitstippelen heeft deze keer wat meer voeten in de aarde. “Wanneer” naar India reizen is gemakkelijk: niet tijdens de moesson (juni, juli, augustus) en niet tijdens de snikhete zomer (april tot oktober, met temperaturen tot ver boven de 30° tot 40° C) en niet tijdens de blijkbaar sombere wintermaanden (december tot februari). November dus of “Kartika” in Hindoe.

Auto huren en zelf rijden? Dat raadt zowat iedereen af. Dus wordt het een “auto met chauffeur”, gereserveerd via “India Individueel”. Benieuwd wat dat wordt … Hotels/verblijf reserveren levert weinig problemen op. Uiterst zelden wordt bij reservering een voorschot gevraagd. Reispas OK maar we hebben ook een visum nodig. Gelukkig kan dat sinds midden dit jaar via internet. Wel worden je “de pieren uit de neus gevraagd”: geloofsovertuiging (“geen” is niet één van de opties)? beroep? naam van vader? naam van moeder? militaire dienst? ooit in Pakistan geweest? … En je dokt nog altijd € 55 af … per persoon.

Op twee en een halve week kan je natuurlijk maar een deel(tje) van het gigantische continent bezoeken dat India in werkelijkheid is. Het land zelf is drie maal groter dan Europa en met 1,2 miljard Indiërs moet het alleen China laten voorgaan in de rangschikking per bevolkingsaantal. We vliegen rechtstreeks vanuit Brussel naar Delhi. Dus beginnen we onze rondrit van daaruit. ’t Wordt Rajasthan, het “land der koningen” en tevens de grootste deelstaat van India. En natuurlijk moeten we ook de Taj Mahal in Agra zien.

De reisroute.

Kaart met reisroute.Kaart van India met reisroute.

A. Delhi.

11 november: vlucht Brussel (10u20) – Delhi (22u50) met het Indische Jet Airways.

12 november: bezoek aan Delhi – veel te groot en veel te veel te zien voor één dag, dus misschien beperken tot “The Red Fort”, de Jama Masjid moskee en oud Delhi?

B. Jaipur.

13 november: op naar het zuidwesten, de deelstaat Rajasthan met hoofdstad Jaipur, roze stad, gesticht door radja Jai Singh II in 1727.

14 november: bezoek aan Jaipur met het Amber fort, het Paleis der Winden, de Jantar Mantar (observatorium uit de 18de eeuw), en zoveel meer.

C. Pushkar.

15 november: naar Pushkar (bij Ajmer), heilige stad van de Hindoes, die zich in deze periode opmaakt voor de jaarlijkse reusachtige kamelenmarkt.

D. Jodhpur.

16 november: vandaag nog verder naar het westen. Naar de woestijnstad Jodhpur, de blauwe stad (blauw= de kleur van de huizen van de Brahmanen).

17 november: een volledige dag tijd om het majestueuze Mehrangarh Fort, 120 meter boven de stad te bezoeken. Of de bazaars van de oude middeleeuwse stad…

E. Udaipur.

18 november: naar het zuiden: Udaipur, de stad waar mijn “Tiger von Echnapur” is opgenomen. Maar ook de James Bond film “Octopussy”.

19 en 20 november: twee volle dagen om de meest romantische plaats van India te bezoeken: Udaipur, de roze- en crème-kleurige stad. Het Pichola meer, het “City Palace”, het “Lake Palace”, de Jagdish tempel, haveli’s (herenhuizen), parken, oude straatjes …

F. Shahpura Bag.

21 november: we beginnen de terugtocht, richting Delhi, dus naar het oosten. Tevens laten we de steden voorlopig achter ons. Overnachting op het platteland, in Shahpura Bagh: volgens beschrijving, een authentieke Indische ervaring. Benieuwd!

G. Ranthambore.

22 november: op naar Ranthambore, het vroegere jachtgebied van de Maharadjas van Jaipur en nu nationaal park.

23 en 24 november: tijd om op tijger safari-jacht te gaan in Ranthambore. Maar geen nood als de tijger zich niet laat zien: d’er is een oud fort, er zijn pittoreske ruïnes en … neusberen, hyena’s, antilopes, wilde zwijnen, Indische mongoos, makaken, langoeren (ook een apensoort), krokodillen, cobra’s, python’s …

G. Agra.

25 november: we verlaten Rajasthan en het platteland: naar Agra.

26 november: zou één dag genoeg zijn om de Taj Mahal en het fort van Agra te bezoeken?

H. Terug naar Delhi.

27 november: terugreis naar Delhi. Misschien deze ochtend nog even de Taj Mahal bekijken? En deze middag nog een bezienswaardigheid in Delhi meepikken? Of is dat te ambitieus?

28 november: vlucht Delhi (03:00) – Brussel (7u50).

Kraanvogels in India!

Wat we waarschijnlijk en helaas niet zullen zien … Demoiselle kraanvogels kennen zowat de zwaarste jaarlijkse migratietocht van alle trekvogels ter wereld! Vanaf de vlaktes van Mongolië en China trekken ze in augustus-september in groep over de Himalaya, meer dan 8 km hoog, naar het zuiden om de winter in India door te brengen. In Kichan, een dorpje zo’n 150 km ten noordwesten van Jodhpur begonnen dorpelingen in de jaren zeventig van de vorige eeuw, eten te strooien voor de doortrekkende kraanvogels. Dat zijn ze tot op heden blijven doen. Resultaat: er overwinteren nu tienduizenden kraanvogels in de onmiddellijke omgeving van het dorpje.

De Demoiselle kraanvogel, Koonj in het Hindoe, komt prominent voor in literatuur, mythologie, muziek en afbeeldingen in Noord-India. Een elegante vrouw wordt eveneens een Koonj genoemd. En ook reizigers die een moeilijke of lange tocht maken zijn Koonj.

India, twee Koonj uit België komen er aan!

Vlag van India.