‘cause this is Africa …

Zaterdag 29 oktober 2022.

Met een uur vertraging – het “New National Air Navigation system” van de Portugese luchtvaartmaatschappij weet je – landen we op Nelson Mandela International Airport. Grote naam voor een kleine luchthaven waar behalve “onze” Airbus 320 nog drie kleine toestelletjes van Bestfly staan. Maar ‘t is de luchthaven van Praia, de hoofdstad van Santiago, het grootste eiland van Cabo Verde. Praia is tevens de hoofdstad van Cabo Verde zelf.

Paspoortcontrole: één rij voor diegenen die online met het EASE-systeem hun luchthavenveiligheidstaks hebben durven betalen (zie blogpost van 1 oktober); twee rijen voor de overgrote meerderheid van andere passagiers, waaronder wij. De EASE-rij – EASE staat voor Efficent Automatic Safe Entry – zou moeten snel gaan want alles is digitaal: paspoort en EASE-document zelf scannen en hop. Alleen … het systeem werkt niet. Niet efficient, niet automatisch, niet safe en entry? … nog niet voor onmiddellijk. Tweehonderd passagiers schuiven aan in drie wachtrijen die tergend traag gaan. Het liedje van Shakira spookt door mijn hoofd: ‘cause this is Africa … Een uur schuiven we aan maar de controle zelf loopt vlot: niets in te vullen; 3.400 $ per persoon betalen ($ = ook het symbool voor de escudo van Cabo Verde; 1 € = 110 escudo).

Na de paspoortcontrole is er één (tijdelijk?) standje om escudo’s te kopen Doen we: met meer dan 20.000 $ op zak 😀 kopen we een lokale sim-kaart voor 10 € aan een volgend (tijdelijk?) standje. Dat garandeert navigatie met Waze en internet onder de weg. Dan onze valiezen ophalen – die staan al meer dan een uur op ons te wachten. Ten slotte huurauto ophalen bij Herz – internationaal rijbewijs niet nodig – en dat gaat heel vlot. De auto heeft wel meer dan 95.000 kilometer op de teller en staat vol krassen. maar dat is normaal volgens Herz: de luchthaven parking ligt vol kiezels. Bovendien maken sommigen extra krassen op de auto als ze bij tanken of autowassen vinden dat ze niet genoeg fooi hebben gekregen. Maar geen zorgen: daarvoor rekent Herz aan zijn klanten niets extra aan. ‘cause this is Africa …

De hele luchthaven is heel rustig, zowel binnen in de vertrekhal als buiten en op de weg is het niet anders. We rijden op een brede asfaltweg met een minimum aan verkeer, naar Tarrafal, zo’n 65 km verder, aan het andere uiteinde van het eiland Santiago. En oh wonder, amper een paar honderd meter verder kijken we al uit op een typische Afrikaanse savanne met acacia bomen. ‘cause this is Africa … Je zou zo olifanten, giraffen en zebra’s verwachten. Helaas: het enige inheemse zoogdier in Cabo Verde is een soort vleermuis.

Praia airport, Cabo Verde

We rijden over de bergachtige ruggengraat van Santiago.  Grillige rotsformaties; kleine dorpjes; geiten, koeien en vooral veel straathonden (cachorro’s) langs en op de weg; hoge snelheidsdrempels bij het binnen- en buiten rijden van dorpjes; groen; suikerriet; maïs- en bonenvelden samen (de bonen kronkelen langs de maïs omhoog). Af en toe passeren we een aluguer: een minibusje, altijd beige of gebroken wit, Totyota Hiace. Dit is het openbaar vervoer: de busjes wachten op klanten of rijden rond en pikken actief reizigers op en pas als het voertuig propvol zit, kan de eigenlijke rit beginnen. Maar de busjes zijn niet aftands, versleten of afgeleefd: ze zien er netjes en redelijk modern uit. Allemaal Afrikaans en toch een beetje anders.

Santiago, Cabo Verde

We doen anderhalf uur over de +/- 65 km naar Tarrafal. Niet omwille van de moeilijke weg maar omdat we traag rijden om van het landschap te genieten; omwille van de snelheidsdrempels en omdat we regelmatig stoppen om foto’s te nemen. Er zijn wel geen uitwijk- of parkeerplaatsen, maar we stoppen gewoon op de weg … er zijn toch bijna geen auto’s. We spotten een ijsvogeltje, de Grey-headed Kingfischer of Grijskopijsvogel. Die heeft zich aangepast aan het droge klimaat en het ontbreken van meertjes en rivieren: hij eet alleen nog insecten, geen vis meer

Bij het binnen rijden van Tarrafal verandert de asfaltweg in … een kasseistraat. Hotel opzoeken – Tarrafal Oasis Alfandega – en inchecken. Betty stelt na een tijdje vast dat de kamer niet die is die we eigenlijk gereserveerd hebben. Bovendien spuit het water in de douche alle kanten op, behalve uit de douchekoppen. ‘cause this is Africa … Verhaal gaan halen aan de receptie: morgen krijgen we een andere kamer plus een “rebate”. Benieuwd. Maar vanuit onze kamer hebben we wel een mooi zicht op de baai van Tarrafal.

Tarrafal, Cabo Verde

Tarrafal, Cabo Verde

Nog even een avondwandeling aan het strand, de onmiddellijke omgeving van het hotel verkennen en foto’s nemen. Dan twee caipirinha’s degusteren (waarop we een half uurtje wachten (cause this is Africa). Oei … al op de eerste dag vergeet ik mijn voornemen om – gezien mogelijke diarree-problemen – geen ijs te willen. En de caipirinha’s zitten tjokvol ijsblokjes … maar wel lekker. We zien wel … of voelen het wel. Avondeten in het hotel: twee maal de peixe do dia grelhado. Maar twee maal dezelfde vis van de dag, dat gaat niet volgens de kelner. Betty krijgt een soort van zwaardvis, ikzelf een compleet onbekende vis: zout, iets tussen haring en zeebaars. OK, maar niet om over naar huis te schrijven. Dus stopt mijn verslag hier. Tot morgen.

P.S. Caipirinha’s plus avondeten kosten ons omgerekend amper 31 € in totaal.

Tarrafal, Cabo Verde

Tarrafal, Santiago, Cabo Verde

Cabo Verde, anders …

Quem mostra’bo esse caminho longe?
Wie heeft jou deze verre weg getoond?
Uit “Sodade” door Cesária Évora.

Cabo Verde flag

As ilhas de Cabo Verde. Zo noemden de Portugezen een groep eilanden ongeveer 600 km ten westen van de echte “Cabo Verde”, het huidige “Cap Vert” in Senegal, het meest westelijke punt van het Afrikaanse vasteland. De República de Cabo Verde, in Vlaanderen en Nederland beter bekend als “de Kaapverdische Eilanden” of “Kaapverdië”, is een onafhankelijk land bestaande uit 10 eilanden van vulkanische oorsprong, 9 daarvan bewoond. Zelfde breedtegraad als de Sahel. Sommige eilanden, zoals Sal, Boa Vista en het onbewoonde Santa Luzia “genieten” van hetzelfde droge woestijnklimaat. Sal en Boa Vista zijn “tour operator wingewesten” met enorme resorts en rechtstreekse vluchten vanuit Brussel. Zon, zee, strand, zwembad, restaurants … all-in … voor 95% van alle toeristen in Cabo Verde, maar niet voor ons weggelegd.

Wij kiezen voor het “hoofdeiland” Santiago, voor São Vicente en Santa Antão om de “couleur locale” op te zoeken en te wandelen. We organiseren alles zelf. Dat leidt, na veel opzoeken, veranderen, aanpassen, regelen, plannen en boeken tot het volgende reisschema:

  • 29/10/2022 – Vlucht Brussel – Lissabon, aansluitend Lissabon – Praia, Santiago met TAP.
  • 05/11/2022 – Binnenlandse vlucht Praia – Mindelo, São Vicente maar via Sal (want op onze geplande reisdag – zaterdag – blijkt er vanuit Praia geen rechtstreekse vlucht naar Mindelo te zijn; zo “zien” we ook nog een stukje van Sal 😉) met BestFly Cabo Verde.
  • 05/11/2022 – CV Interilhas ferry Mindelo – Porto Novo, Santo Antão.
  • 09/11/2022 – Terug met ferry naar Mindelo.
  • 12/11:2022 – Terugvlucht Mindelo – Lissabon, aansluitend Lissabon – Brussel.

“Island hopping” heet dat.

Auto huren op Santiago en Santa Antão, São Vicente is daarvoor te klein. Hotels boeken.

In vergelijking tot de rest van Afrika is Cabo Verde een relatief “rijk” land: 14de plaats uit 54 Afrikaanse landen, gerangschikt volgens Bruto Binnenlands Product per inwoner. Maar de droogte als gevolg van klimaatopwarming, het wegblijven van toeristen door COVID-19 en stijgende voedselprijzen door de oorlog in Oekraïne hebben het land zwaar getroffen. Van de totale bevolking werkt bijna 70 % in de toeristische sector met – pré-Corona – zo’n 750.000 jaarlijkse toeristen in Cabo Verde, voornamelijk Engelsen, Portugezen, Fransen, Duitsers en … Belgen. In 2020:  nog amper 150.000 bezoekers. Voedsel-onzekerheid bedreigt nu 32 % van de bevolking. In juni 2022 is de economische en sociale noodtoestand uitgeroepen (Bron: World Food Programme Anderzijds – en in tegenstelling tot wat vele reisgidsen en tour operators ons willen laten geloven – behoort Cabo Verde tot het select clubje van tien veiligste landen ter wereld, veiliger dan België of Nederland (Bron: Wereld-veiligheidskaart van International SOS. Hopelijk dragen we als toeristen in alle veiligheid een steentje bij aan de lokale economie.

Voor wie niet kan wachten op ons reisverslag of nu al alles wil weten over Cabo Verde, zijn deze websites de moeite waard:

Wordt vervolgd …

P.S. Geen visum nodig voor Cabo Verde, maar je aankomst moet je wel on-line registreren en een “luchthavenveiligheidstaks” van +/-31 € betalen. Alleen … internet-browsers zoals Safari, Chrome of Firefox detecteren ernstige beveiligingsrisico’s op de registratie-website: wachtwoorden, e-mailadressen of creditcardgegevens kunnen gestolen worden! Beter niet doen en ter plaatse registreren en betalen!

Olympia … toeristische hotspot!

5 juni 2022

De Peloponnesos bezoeken en niet de archeologische site van Olympia zien? Dat zou ongehoord zijn. Te meer daar Olympia maar een kleine 35 km van Ploes Villas ligt. We kunnen zelfs “uitslapen” en nog voor 10 uur in Olympia zijn.

Maar … als we Olympia binnen rijden, beseffen we dat dit een toeristische hot-spot is, met alle nadelen van dien. De lange hoofdstraat is afgelijnd met taverna’s, souvenirwinkels, bars, restaurants, luxueuze terrassen met water-verneveling. Die straat geeft uit op een groot, cirkelvormig plein met taxi’s en tourbussen langs de kant. Hier is de ingang van de archeologische site, dat wil zeggen: nog een paar honderd meter te voet verder. Eerst de auto parkeren: een kilometer terugrijden om een plekje te vinden. Overal staan bussen en auto’s geparkeerd!

Olympia, Peloponnesos

Aan de ingang van de site moeten we – voor het eerst in de Peloponnesos – file doen om tickets te kopen (6 € pp EU 65+ prijs). In de schaduw van bomen verzamelen gidsen hun tourgroep. Tientallen en tientallen toeristen gaan binnen of komen reeds terug. Hier en daar tussen de ruïnes staan toeristen met een AR-bril op (of is het een VR-bril) allerlei rare hoofdbewegingen te doen. Zo’n belangstelling, dat moet zeer de moeite zijn! Wel, euh … ‘t valt eigenlijk wat tegen.

Olympia, Peloponnesos

Om te beginnen: Olympia ligt eigenlijk niet in de bergen (Mount Kronos die Zeus heeft gebaard niet te na geproken, maar dat is eigenlijk maar een flinke heuvel) en ook niet aan zee, en mist dus de dramatische setting van Epidauros of Acrocorinthe of Mystra of …. De site is zeer uitgestrekt maar eigenlijk een beetje rommelig. Veel te veel toeristen, vooral dicht bij de ingang en het olympisch stadium! Mozaïeken zijn afgedekt met zwarte plastic en zandzakjes tegen verkleuring door de zon. Begrijpelijk maar je moet het dus met een foto doen, zwart-wit! Of is de foto ook al verkleurd?

Olympia, Peloponnesos

Olympia, Peloponnesos

Olympia, Peloponnesos

Olympia, Peloponnesos

Olympia, Peloponnesos

Toch kan je, mits een klein beetje doorzettingsvermogen rustige en fotogenieke plekjes vinden  De regel is: zo ver mogelijk van de ingang weg gaan. Zelfs – met wat geduld – kan je het olympisch stadium zonder toeristen fotograferen. Daar is overigens niet veel aan te zien. Helemaal achteraan de site nog iets interessants: een oud Grieks huis met muur verwarming “avant la lettre”.

Olympia, Peloponnesos

Olympia, Peloponnesos

Gelukkig geeft ons ticket ook recht op toegang tot het Archeologisch museum van Olympia. Hier worden een aantal vondsten ten toon gesteld: marmeren beelden, helmen, aardewerk, friezen, maquettes … Mooi, professioneel geëtaleerd. Plus: het is er lekker koel! Wel een aanrader!

Archaeological museum, Olympia, Peloponnesos

Archaeological museum, Olympia, Peloponnesos

Archaeological museum, Olympia, Peloponnesos

Archaeological museum, Olympia, Peloponnesos

Archaeological museum, Olympia, Peloponnesos

Terug naar “huis” (Ploes Villas) om een laatste keer te genieten van zon, zee en onze verlaten baai. We beslissen om deze avond op ons eigen terras te “dineren” met al onze “overschotjes”, kaas, eieren, ham, olijven, brood. Alleen … ramp! We hebben geen wijn meer! Laten we iets gaan drinken aan het strand van Skafidia en dan een winkeltje opzoeken. Helaas: ook hier is het een drukte van jewelste. ‘t Is zondag, de Griekse jeugd heeft het strand ingenomen. In de strandbar wordt er in zwembroek en bikini geconsumeerd. Niet ons ding. En hier vinden we onze fles wijn niet. We rijden het binnenland in en vinden een onooglijk winkeltje, sorry “supermarket” met zelfbediening. Je kan amper tussen de overvol gestapelde rekken bewegen! Maar geen wijn, behalve de beendroge rode wijn uit plastic flessen. Die is er in overvloed. Toch aan de winkelier vragen … die geen Engels verstaat … met “handen en voeten uitleggen” … we stappen buiten met een fles rode wijn van 8,5 € die achteraf meer dan aanvaardbaar blijkt te zijn.

Skafidia, Peloponnesos

Nu nog een glaasje koele witte wijn op het terras van de taverna hier rechtover, tussen de Griekse oude mannen die in hun soft drink staren, de toeristen bekijken of druk discussiëren. Kalispera! Een vriendelijke mevrouw komt ons vragen wat we drinken (denk ik, want ze spreekt geen Engels). Google translate helpt: geen wijn hier, alleen maar ouzo en birra. Bij twee halve liters bier mijmeren we over de voorbije tien dagen. Wat een fantastische streek de Peloponnesos, wel leuker en charmanter in het zuiden dan hier in het noorden, maar vriendelijk zijn ze overal! Hoe kan het dat we dit nu pas ontdekken?

Skafidia, Peloponnesos

Griekenland, wij komen terug! Beloofd!

Met dank aan onze onafscheidelijke reisgezel: de Bradt guide!

P.S. Deze morgen zat er een zeldzame julikever op ons terras, en dat begin juni!

ξενοφιλία – Xenofilía.

4 juni 2022

Voor één keer is de titel van deze blogpost over de Peloponnesos niet de naam van een stad of historische site. Xenofilía, het is … maar laat ik niet op de dingen vooruit lopen.

Panos, de eigenaar van Ploes Villas woont “naast ons”. Gisteravond heeft hij ons, behalve moerbeibessen, een zelf getekend plan van de directe omgeving achtergelaten. Daarop “supermarktjes” en restaurantjes aangeduid. Ofwel is hij een slechte cartograaf, ofwel kunnen wij geen plan meer lezen, maar we vinden niets terug!  Uiteindelijk belanden we in de AB-supermarkt, een grote, moderne zaak. Maar, alles is in ‘t Grieks, meestal in Grieks schrift. Zoek dan maar een keer olijfolie, of lactose-vrije melk of echte yoghurt uit Griekenland, of … en zo verder. Spinazie – ziet er super vers uit – en eieren, dat herkennen we. ‘t Was een lekkere omelet, gisteravond.

Vandaag beslissen we een rustig dagje in te lassen, omwille van “overload” aan historische sites. We rijden naar Katakolo, een klein havenstadje op zo’n 7 km van ons vakantiehuis. Pittoresk, havenfront met “posh” cafés, bars en restaurants. Te groot voor dit kleine dorpje. Maar … hier meren cruiseschepen aan, die “de Peloponnesos doen”. Ze meren hier aan en organiseren ééndags-uitstappen naar Olympia. Of met een toeristisch treintje doe je een toertje van de streek.  Als er geen cruise-schepen voor anker liggen – zoals nu – zijn de meeste zaken dicht, behalve dan de cafés en terrassen aan de kade.

Katakolo, Peloponnesos

Katakolo, Peloponnesos

Katakolo, Peloponnesos

Vissersbootjes liggen aangemeerd. Op één er van repareren een man en een vrouw vissersnetten. We genieten van onze twee frappé’s op een sjiek terras. Rechtover ligt een kleine vissersloep aan de kade. De visser kuist zijn vangst voor een koper, van een restaurant? De kerel koopt zo’n 5 kg vis. Ik zie een 50 € biljet van eigenaar veranderen. Zou die visser ook aan toeristen verkopen? If you never try, you will never know. Terwijl Betty rustig haar frappé slurpt stap ik op het vissersbootje toe. Natuurlijk spreekt de visser geen Engels. “Met handen en voeten uitleggen”: twee vissen. “Nee, je moet er vier hebben voor twee personen”, gebaart de visser. OK, vier dan. Kan hij die ontschubben en kuisen? Ja, dat kan. En de koppen af doen? Nee, dat kan niet: de vis moet gegrild worden met kop er aan. Andermaal  OK. Voor 15 €, waarschijnlijk toeristenprijs, zijn de vier vissen van ons.

Katakolo, Peloponnesos

Katakolo, Peloponnesos

Katakolo, Peloponnesos

Terug in Ploes Villas nodigt Panos ons uit om op zijn terras een ouzo te drinken. Lichte aarzeling, maar zo’n uitnodiging kan/mag je niet afslaan. En er is nog George, zijn vriend, een gepensioneerde commandant van de “Hellenic Air Force” – uitbundige kerel – en zijn vrouw, Eftychia – dat betekent “geluk”. Voor een kleine ouzo dan. Die kleine ouzo wordt een gewone ouzo met ijsblokken, geen water en nog een tweede ouzo … Eftychia haalt ondertussen het ene hapje na het andere op: komkommers, tomaten, olijven, kleine gebakken visjes (sardines?), rijst-kubusjes in jonge bladeren van wijnstruiken. George vertelt honderduit, over zijn tijd bij NATO, bezoeken aan Brussel (Metropole hotel!) en over Xenofilía!  Moeilijk uit te leggen woord. Een poging: ‘t is de nieuwsgierigheid van Grieken naar alles wat andere mensen en andere culturen is; het zien van een vreemdeling als gast; onbaatzuchtige gastvrijheid. “Yamas”, George, daar klinken we op! “Hoe meer ouzo je drinkt, hoe meer je van je vrouw houdt”, nog zo’n uitspraak van George.

Ploes Villas, Skafidia, Peloponnesos

Na zijn vijfde ouzo besluit George toch huiswaarts te keren. Met de auto! Panos is duidelijk bezorgd voor zijn vriend. Maar die zegt: als ik gedronken heb, reageer ik trager, dus rijd ik trager en alles is in orde. Griekse logica? Terwijl we de laatste visjes soldaat maken, leggen Eftychia en Panos uit dat “Ploes” zoveel betekent als “drijvend op water”. En dat we vooral nu moeten gaan rusten … doen we. Op ons privé-strandje, onder de strooien parasols. Zon, frisse zeebries, af en toe een duikje in de Ionische zee … rust.

Ploes Villas, Skafidia, Peloponnesos

Ploes Villas, Skafidia, Peloponnesos

Ploes Villas, Skafidia, Peloponnesos

Oh ja, hoe is dat met die gekochte vissen afgelopen? Overheerlijk dineetje van “catch of the day” met gestoofde venkel, brood en een “zeste” van citroen uit de tuin van Panos. Dat alles overgoten met een Moschofilero (witte wijn) “sur lie”. Met dank aan Betty!

Ploes Villas, Skafidia, Peloponnesos

Messini.

3 juni 2022

Het kan verwarrend zijn in de Peloponnesos. Er is Mycene, dat hebben we gemist (zie blogpost over Korinthe). En er is Messini of Messinia, wat in het Engels als “Messene” wordt geschreven. In elk geval, vandaag willen we – op weg naar onze derde verblijfplaats – Messini bezoeken. Twee uurtjes rijden, deels langs een lege autostrade. Geen kat op de weg, in tegenstelling tot de restaurants in de Peloponnesos waar altijd wel één of meerdere katten flemen en schooien.

Messini is een ongekende en verborgen parel van de Peloponnesos. Pas op een twintigtal kilometer van de site, zien we een eerste verweerde wegwijzer. We slagen er in om nog verkeerd te rijden ook: een berg op, helemaal tot boven op de rand van een ravijn. Spectaculair, dat wel, maar we komen uit bij een klooster: Moni Volcanou! De toegangspoort tot een binnenplein staat open maar … alle borden, alle tekst is in het Grieks. We aarzelen voor de poort. Dan komt een werkman aangereden in een aftands kamionnetje. Of hij Engels spreekt? Nee, maar hij gebaart ons binnen, spreekt een monnik met een karakterkop aan en knikt dan dat het goed is. We lopen de binnenplaats met kloostergang rond, een Byzantijns kapelletje/kerkje wordt gerestaureerd. De monnik telefoneert druk en luid. Tja, het monnikenleven in de eenentwintigste eeuw…

Moni Volcanou, Peloponnesos

Moni Volcanou, Peloponnesos

Moni Volcanou, Peloponnesos

Aan Moni Volcanou staat wel een klein, oud wegwijzertje naar Messini. Achter de bergflank zien we de uitgestrekte site al liggen, veel groter dan Korinthe, of Mystra … eens beneden wordt de ware omvang van deze relatief recente opgravingen duidelijk. De archeologen zijn trouwens nog bezig. De uitgestrektheid en de schoonheid van het landschap er rond – de zee, de bergen – zijn verbijsterend. We zien achtereenvolgens: de fontein van Arinsoe, het theater, verschillende overblijfselen van tempels en Romeinse villas, het Griekse stadium, deels verbouwd tot amphitheater, een speciaal grafmonument met bovenop een soort omgekeerde trechter … Twee uur dwalen we hier rond. Dan moeten we verder, naar Ploes Villas, self-catering in Skafidia. Maar we zijn nog maar net vertrokken of opnieuw een verrassing: de weg – grint – draait doorheen de vroegere toegangspoort van Messini, de Arcadische poort. Dus opnieuw stoppen en foto’s nemen!

Messini, Peloponnesos

Messini, Peloponnesos

Messini, Peloponnesos

Messini, Peloponnesos

Messini, Peloponnesos

Messini, Peloponnesos

Arcadian gate, Messini, Peloponnesos

Om te lunchen vinden we toch opnieuw een leuk, schaduwrijk plekje bij een oude bron langs de kant van de weg – er passeren twee auto’s op een half uur tijd. Dan verder naar het noorden, nog 110 km. Het landschap verandert, minder bergen, minder lieflijk-charmant. We rijden tussen groene muren van witte en roze oleanders.

Ploes Villas is een zalige plek, verscholen in het groen, alleen maar bereikbaar via een grintweg. Vanaf de tuin, boven op de rotsen, kijk je uit over de zee. Trappen leiden naar een verlaten privé-strandje aan een kleine baai. Althans voorlopig privé want een paar honderd meter verderop staat een 4-sterren resort te wachten op 15 juni, de seizoensopening! Maar voorlopig hebben we dit strandje met ligstoel en rieten parasol voor ons alleen.  Even rustig genieten nu.

Ploes Villas, Skafidia, Peloponnesos

Ploes Villas, Skafidia, Peloponnesos